Impressie van de Themadag 2010

Impressie van de Themadag 2010

Impressie van de themadag in het kader van de Regionale Herdenking Verkeersslachtoffers op 5 november 2010 in NAH hotel “IE-Sicht” in Oudega (Sm.)
Het thema van deze dag was “Slachtofferbescherming”, een thema dat voor verkeersslachtoffers van grote betekening is. Want wat volgt er als de eerste acute hulpverlening achter de rug is? Welke steun en bescherming kunnen/moeten we de slachtoffers daarna nog bieden? De samenleving gaat door en het lijkt alsof het slachtoffer alleen en vergeten achterblijft. Welke verantwoordelijkheid heeft de samenleving en op welke manier moet daaraan vorm worden gegeven? Op deze themadag kwam deze problematiek aan de orde en hield een aantal deskundigen op dit gebied hierover een voordracht.

Om 10.30 uur werden de genodigden ontvangen met een kopje koffie met iets lekkers erbij en kon men met elkaar kennismaken of de kennismaking hernieuwen en even bijpraten.

Om 11.00 uur opende presentatrice Doety Peenstra deze themadag waarna Wiebe de Boer van NAH Zorg een woord van welkom sprak.

Vervolgens gaf Wiebe de Boer het woord aan Dhr. Helmholt, verkeersslachtoffer, die zijn verhaal vertelde. Hij is in 2006 aangereden door een 19-jarige jongen terwijl hij hulp verleende aan een verkeersslachtoffer die net even eerder was aangereden. Resultaat: o.a. twee verbrijzelde benen, linkerarm en gebroken schouder en longembolie (etc.) Hij had alle hulpverlenende instanties, waarmee hij te maken had gehad na zijn ongeval, beoordeeld met plussen en minnen en lichtte dit toe. Hij zit nu nog in het traject van de afwikkeling van zijn letselschade. De dader heeft altijd ontkend dat hij iemand geraakt had; hij dacht dat hij tegen een paaltje was gereden, terwijl zijn vooruit kapot was en er overal bloed op en in zijn auto zat! De dader heeft ook nooit contact willen hebben met zijn slachtoffer hoewel die dit herhaaldelijk heeft geprobeerd. De heer Helmholt benadrukte dat hij blij was dat hij zover was opgeknapt dat hij op deze dag zijn verhaal kon vertellen. Ook al zag je uiterlijk niets aan hem toch heeft hij beperkingen aan dit ongeval overgehouden.

De volgende bijdrage werd verwoord door Raoul van Noort. Deze bijdrage was namens een lotgenote die dat zelf niet (meer) kan vanwege haar hersenletsel. Haar verhaal is echter een must, want als je als schijnbaar lichtgewonde automobilist(e) na een aanrijding je voertuig nog kunt verplaatsen dan is de politie snel klaar met je en ben je overgeleverd aan de wildernis in dit land.

Daarna vertelden de heer en mevrouw Schut over het ongeval, waarbij hun zoon Jeroen om het leven kwam. In 2000, toen hij naar school fietste samen met een vriendje, is Jeroen geraakt door een goederentrein terwijl hij voor het stoplicht moest wachten. De politie heeft vele fouten gemaakt; er is o.a. nooit onderzoek gedaan naar het ongeval. De politie stelde dat òf Jeroen had zelfmoord gepleegd òf Jeroen had de trein niet gezien. De ouders konden hier niets mee en ze wisten wel zeker dat Jeroen geen zelfmoord had gepleegd. Na vele jaren strijd kwam de waarheid aan het licht. Op verzoek van de familie werd nl. een analyse naar de precieze toedracht van het ongeval uitgevoerd door de professoren De Kroes en Stoop.
Daaruit bleek dat de opstelruimte tussen de rails van de spoorbaan en de voorrangsweg te kort was, waardoor de trein de fiets van Jeroen aan de achterkant kon raken, waarbij Jeroen tegen de trein aankwam en dit niet overleefde. Na zeven jaar konden deze nabestaanden ‘voor het eerst weer één nacht doorslapen’. Op de plek, vlak voor de spoorwegovergang, is een bruggetje dat door de gemeente Apeldoorn het Jeroen Schut-bruggetje is genoemd. Voor de ouders en twee zussen van Jeroen is het leven nooit meer hetzelfde geworden. Ze missen Jeroen nog elke dag.

Het indrukwekkende ochtendprogramma werd hierna passend afgesloten met een minuut stilte, waarna Durkje Hoff het lied “Litanei auf das Fest Aller Seelen – Ruh’n in Frieden alle Seelen” van Franz Schubert zong, waarbij zij op de piano werd begeleid door Jelle Dotinga.

Hierna was er een uitstekend verzorgd lunchbuffet, waar iedereen zich het eten goed liet smaken.
Om 13.30 uur heropende Doety Peenstra het middagprogramma waarna Wiebe de Boer hiervan de inleiding deed. Wiebe vertelde eerst nog iets over de specifieke nazorg van NAH Zorg, waarbij de cliënt centraal staat.

Als eerste spreker kwam Drs. H.J. de Mönnink aan het woord over verlieskunde en verwerking na een ongeval. De heer De Mönnink is gezondheidspsycholoog, rouw- en traumatherapeut en geeft cursussen op zijn vakgebied. Ook is hij de grondlegger van de “verlieskunde” en heeft hier ook een boek over geschreven dat op deze dag te koop werd aangeboden. De heer De Mönnink hield een interessant betoog over dit onderwerp, waarbij o.a. het Unfinished Business Syndroom (UBS) aan de orde kwam. Simpel gesteld houdt dit in dat er trauma op trauma gestapeld wordt en als er dan uiteindelijk psychische hulp nodig is, b.v. na een verkeersongeval, eerst het eerste onverwerkte trauma behandeld dient te worden waarna de rest aan bod komt.

Tweede spreker was Prof. Dr. W. Echterhoff van de slachtofferbescherming in Duitsland. Van tevoren werd er een korte vertaling (door tolk Janneke Noordermeer) uitgedeeld waarin de belangrijkste punten uit zijn lezing vermeld stonden. Er zijn in Duitsland wettelijke regelingen voor slachtoffers. De schadevergoedingswet voor slachtoffers van 1976 verplicht alle deelstaten tot het administreren van vergoedingen voor geneeskundige behandelingen en uitkeringen. Het administratieve beheer leidt vaak tot minder hoge vergoedingen. Voor verkeersslachtoffers betekent dit het volgende: bezitters van een voertuig hebben een verplichte aansprakelijkheidsverzekering die materiële schade en gezondheidsschade (inclusief uitkeringen) dekken. Omdat aansprakelijkheidsverzekeringen hun vergoedingsplicht vaak bestrijden en langdurige rechtsprocedures uitlokken, worden verkeersslachtoffers vaak benadeeld.
Met het Keulse model van ipu, waar de heer Echterhoff aan verbonden is, werd midden jaren 90 in Duitsland het psychologische ongevallenmanagement geïntroduceerd. Het omvat preventie, psychologische eerste hulp, therapie (van een psychotrauma) en de coördinatie van verdere geneeskundige behandelingen en revalidatie (gericht op terugkeer naar de situatie van alledag (zowel privé als beroepsmatig) inclusief deskundige rapporten en attesten. Wat betreft het behandelingsresultaat met ipu is er een specifieke psychotraumatische procedure ontwikkeld voor slachtoffers zoals referential therapie, intensieve therapie, bodytherapie enz. Uit onderzoek is gebleken dat 95% van de gevallen dankzij een goed psychologisch ongevallen management met succes kon worden gerevalideerd.

Na deze voordrachten was er gelegenheid voor het stellen van vragen hierover van zowel ’s ochtends als ’s middags o.l.v. Gijbert Heetveld, waar mondjesmaat gebruik van werd gemaakt.
Vervolgens sloot Wiebe de Boer deze themadag af, gevolgd door een ongedwongen samenzijn onder het genot van een hapje en een drankje. Tegelijkertijd begon het lotgenotencontact o.l.v. Raoul van Noort, bijgestaan door zorgverleners van NAH Zorg, dat werd afgesloten met een klein warm buffet.

Al met al was het weer een bewogen en interessante dag ‘die de mensen weer sterk maakte om er weer tegenaan te kunnen’, zo werd door menigeen verwoord.

Oentsjerk, 8 november 2010
Janke Maring-Andringa, secretaresse werkgroep De Verstomde Schreeuw